Agrarische Groenstations Zuidoost Friesland

Wat houdt het project in?

Het faciliteren van duurzaam (economisch, milieutechnisch en maatschappelijk verantwoord) inrichten en opstarten van Agrarische Groenstations in Zuidoost Frieland. Evenals het voorbereiden van verantwoorde opschaling in de rest van de provincie Friesland.

Een Agrarisch Groenstation is een volwaardige (neven-)tak van een agrarisch onderneming, waar regionale geoogste biomassa tot hoogwaardige compost wordt verwerkt en deze effectief wordt benut ten dienste van een vruchtbare agrarische voedselproductie. Dit met zorg voor bodemkwaliteit en zorg voor verantwoorde en economisch regionale benutting van groen- reststromen.

Dit project isuitgevoerd in samenwerking met de Wageningen Universiteit (WUR). Projectpartners zijn 5 agrarische ondernemers, de gemeenten Heerenveen en Weststellingwerf, Wetterskip Fryslan en de Provinsje Fryslân

Het project is inmiddels afgerond. ELAN heeft de volgende producten opgeleverd;

  • Good practices voor agrarische ondernemer en grondstofleverancier (kwaliteitshandboek)
  • Business plan voor de invoering van Agrarische Groenstations (ook elders)
  • Green Deal; samen met partners werken aan zinvolle doorbraken daar waar er nu nog belemmeringen zijn in (soms interpretatie van) wet- en regelgeving
  • Literatuurscan naar waarde CMC-compost voor de bodem
  • Kennisdoorstroom, training en begeleiding op meerdere uitvoeringsniveaus (bijv. groenbeheer, milieustraat, boeren etc.

Het realiseren van Agrarische Groenstations is helaas nog niet goed van de grond gekomen. De balangrijkste belemmeringen worden veroorzaakt door Wet- en Regelgeving; 

  • In het kort waar het nog knelt:
    1. Groen van reststromen , afkomstig van derden, wordt juridisch gezien (nog steeds) beschouwd als afvalstof:
    2. Voor aanvoer van niet eigen materiaal (biomassa/groenreststromen) geldt vergunningsplicht. Dit dreigt de start en uitvoering van een Agrarisch Groenstation duur en tijdrovend te maken;
    3. Bij aanvoer van dit materiaal geldt een registratieplicht inname afvalstoffen  (éénmalige kosten);
    4. Ter plaatse van de inrichting en opslag van het materiaal, moeten (aanzienlijke) voorzieningen worden getroffen ter afdoende bescherming van het milieu, welke passend zijn bij de behandeling van afvalstoffen (licht regime) en niet bij verwerking van groen.
       
  • De toezichthouder van de meststoffenwet (NVWA) stelt dat zelf geproduceerde bodemverbeteraar, voor wat betreft de aanvoer van mineralen, deze mee moeten tellen in de mestboekhouding van de boer. De regelgeving geeft hiermee geen of onvoldoende ruimte voor benutting van bodemverbeteraar voor de bodem (c.q. agrarische voedselproductie). Hiermee is het voor verreweg de meeste ondernemers niet interessant om door te gaan of te starten.